Eeuwenlang betraden miljoenen mensen het Colosseum zonder een van de meest bijzondere ruimtes van het monument te zien: een overdekte ondergrondse gang die ooit was voorbehouden aan de keizer en leden van de hoogste Romeinse elite. De doorgang, die tegenwoordig bekendstaat als de Passage van Commodus, maakte het mogelijk om van buiten het amfitheater naar de keizerlijke zitplaatsen te gaan zonder dezelfde ingangen te gebruiken als gewone toeschouwers. Na een omvangrijke restauratie werd de gang in oktober 2025 voor het eerst voor het publiek geopend. In 2026 vormt hij een bijzonder onderdeel van het Colosseum en biedt hij bezoekers een zeldzame blik op de manier waarop keizerlijke veiligheid, ceremoniële verplaatsingen en luxueuze decoratie achter de publieke spektakels van het oude Rome functioneerden.
De Passage van Commodus maakte geen deel uit van het oorspronkelijke bouwplan van het Flavische Amfitheater. Archeologisch bewijs wijst erop dat de gang later werd toegevoegd, rond de overgang van de eerste naar de tweede eeuw na Christus. Baksteenstempels die in het metselwerk zijn aangetroffen, wijzen op een bouwperiode tussen de laatste jaren van de regering van keizer Domitianus, die in 96 na Christus eindigde, en de periode van Trajanus, die regeerde van 98 tot 117. De aanleg vereiste aanzienlijke aanpassingen, omdat de bouwers door bestaande funderingen moesten breken van een monument dat al in gebruik was.
De gang verbond de buitenzijde van het Colosseum met het pulvinar, de prestigieuze zone die was bestemd voor de keizer en de hoogste vertegenwoordigers van de Romeinse staat. De doorgang lag aan het zuidelijke uiteinde van de kortere noord-zuidas van het amfitheater. Dankzij deze opzet kon de keizer zijn gereserveerde plaats bereiken zonder zich door de grote mensenmassa’s te hoeven bewegen die de openbare ingangen en interne gangen vulden. Dat was belangrijk voor de veiligheid, maar benadrukte ook de strikte sociale hiërarchie van Romeinse spektakels: de keizer beschikte niet alleen over een betere zitplaats, maar feitelijk ook over een eigen route door het gebouw.
Het bewaard gebleven complex bestond uit drie belangrijke delen. Twee armen liepen ongeveer van oost naar west, terwijl een derde deel ze in noord-zuidrichting met elkaar verbond. Licht en lucht kwamen binnen via openingen die traditioneel worden aangeduid als bocche di lupo, oftewel “wolvenmonden”. Buiten het amfitheater lijkt de route in oostelijke richting te zijn doorgelopen, al is het uiteindelijke eindpunt niet met zekerheid bekend. Archeologen hebben geopperd dat de gang mogelijk leidde naar trainingscomplexen in de buurt van het Colosseum, waaronder de gladiatorenschool Ludus Magnus, of naar de Caelius-heuvel.
De naam kan enigszins misleidend zijn, omdat keizer Commodus de oorspronkelijke aanleg van de gang niet heeft laten uitvoeren. Hij regeerde van 180 tot 192 na Christus, tientallen jaren nadat de doorgang waarschijnlijk werd gebouwd. De associatie met hem is vooral gebaseerd op antieke bronnen waarin een moordaanslag op de keizer wordt beschreven in of nabij een afgezonderde route in het amfitheater. De exacte identificatie is niet zeker, en ook het Archeologisch Park van het Colosseum presenteert deze koppeling voorzichtig en niet als een definitief vastgesteld archeologisch feit.
Commodus heeft desondanks een bijzonder sterke band met het Colosseum. In tegenstelling tot de meeste Romeinse keizers nam hij zelf actief deel aan opgevoerde gevechten en gladiatorenspelen. Antieke schrijvers beschrijven hoe hij dieren bestreed en als gladiator in de arena verscheen, gedrag dat sommige tijdgenoten fascineerde maar leden van de Romeinse elite schokte. Zijn optredens waren zorgvuldig gecontroleerde voorstellingen en geen gewone gladiatorengevechten, maar ze speelden wel een belangrijke rol in het publieke imago dat hij in de latere jaren van zijn regering opbouwde.
De doorgang past daarom goed bij de politieke sfeer die met Commodus wordt geassocieerd, ook al is hij ouder dan zijn regering. De route bood privacy, gecontroleerde toegang en een directe verbinding tussen de keizerlijke zone en het amfitheater. De heerser kon fysiek gescheiden blijven van tienduizenden toeschouwers voordat hij in het ceremoniële hart van het gebouw verscheen. Juist het contrast tussen verborgen verplaatsingen en zichtbare publieke optredens maakt de gerestaureerde gang bijzonder waardevol voor het begrijpen van de manier waarop het Colosseum werkelijk functioneerde.

Voor de restauratie waren veel van de bewaard gebleven oppervlakken moeilijk te beoordelen. Eeuwen van vocht, vervuiling, biologische aangroei en blootstelling hadden decoraties bedekt en delen van pleisterwerk en stucwerk verzwakt. De restauratie, die in 2021 begon, richtte zich op het stabiliseren van de structuur en het herstellen van de leesbaarheid van de decoratie in het eerste deel van de gang en een gedeelte van het tweede deel. Deze fase werd in 2025 afgerond, waardoor de ruimte voor bezoekers kon worden opengesteld. Werk aan de resterende beschilderde oppervlakken werd daarna voortgezet, waarbij verdere behandeling vanaf het voorjaar van 2026 was voorzien.
Een van de belangrijkste resultaten was dat de luxueuze afwerking van de gang veel duidelijker zichtbaar werd. Delen van de muren waren oorspronkelijk bekleed met marmer. De marmeren platen zelf zijn grotendeels verdwenen, maar sporen van de metalen bevestigingen waarmee ze werden vastgezet, zijn nog steeds herkenbaar. In latere perioden kregen sommige oppervlakken beschilderd pleisterwerk, waaronder landschappelijke voorstellingen. Deze details veranderen het beeld van de gang: het ging niet alleen om een praktische ondergrondse route, maar om een zorgvuldig afgewerkte keizerlijke doorgang die aansloot bij de status van de mensen die ervan gebruikmaakten.
De restauratie maakte ook het bewaard gebleven stucwerk beter leesbaar. Restauratoren verwijderden afzettingen en biologische lagen, stabiliseerden verzwakt materiaal en gebruikten zorgvuldig gecontroleerde reinigingsmethoden op kwetsbare delen. In plaats van verdwenen decoraties volledig opnieuw te reconstrueren, was de ingreep erop gericht het authentieke antieke materiaal te behouden en bezoekers te helpen onderscheiden welke elementen daadwerkelijk uit de Romeinse tijd stammen. Beschadigingen en ontbrekende delen blijven daardoor zichtbaar, terwijl het oorspronkelijke decoratieve programma veel beter te begrijpen is.
Tot de opvallendste decoratieve resten behoren stucscènes die verband houden met Dionysus en Ariadne. Deze mythe kwam veel voor in de Romeinse kunst, maar de aanwezigheid ervan in een keizerlijke route binnen het Colosseum geeft de gang een verfijnder karakter dan het moderne beeld van een simpele ontsnappingstunnel. Het gewelf was voorzien van mythologische voorstellingen, terwijl nissen dichter bij de route naar de keizerlijke zitplaatsen motieven bevatten die rechtstreeks verband hielden met het entertainment in het amfitheater.
Tot de bewaard gebleven scènes behoren verwijzingen naar jachten op wilde zwijnen, confrontaties met beren en optredens waarbij acrobatische vaardigheden werden gecombineerd met dierenshows. Andere fragmentarische afbeeldingen lijken verband te houden met deuren en mechanismen waarmee dieren plotseling een speelruimte konden binnenkomen. Hoewel sommige delen ernstig beschadigd zijn en interpretaties voorzichtig moeten worden gemaakt, hebben gedetailleerde documentatie en conservering specialisten in staat gesteld elementen te herkennen die eerder veel moeilijker te onderscheiden waren.
De combinatie van deze voorstellingen is bijzonder informatief. De keizer liep onder afbeeldingen die zowel waren ontleend aan de mythologie als aan het spektakel dat zich vlakbij in de arena afspeelde. Marmer, beschilderde oppervlakken en gebeeldhouwd stucwerk tonen bovendien aan dat ook ruimtes die voor de meeste toeschouwers verborgen bleven, rijk konden worden afgewerkt. Het Colosseum bestond dus niet simpelweg uit een indrukwekkende arena en eenvoudige dienstgangen. Sociale status werd in het hele gebouw zichtbaar gemaakt, zelfs in routes die een gewone Romeinse bezoeker waarschijnlijk nooit zou hebben betreden.
De opening voor bezoekers is de belangrijkste verandering die uit de restauratie is voortgekomen. Het Archeologisch Park van het Colosseum opende de Passage van Commodus in oktober 2025 voor het eerst voor het publiek. In 2026 maakt de gang geen deel uit van de gewone bezoekersroute: toegang is mogelijk via de aparte Full Experience Passage of Commodus-optie en een begeleid educatief bezoek. De beperkte toegang hangt samen met de smalle vorm van de antieke gang en met de noodzaak om kwetsbare archeologische oppervlakken te beschermen.
Het officiële bezoek duurt ongeveer 25 minuten en groepen zijn beperkt tot acht personen. Volgens de bezoekersregeling voor 2026 van het Archeologisch Park vinden rondleidingen plaats op maandag en woensdag, met sessies in het Italiaans, Engels en Spaans. Het bijbehorende Full Experience-ticket blijft twee opeenvolgende dagen geldig en biedt, volgens de geldende voorwaarden, ook toegang tot het Colosseum, het Forum Romanum, de Palatijn en andere inbegrepen archeologische zones. Plaatsen voor de Passage van Commodus kunnen online worden gereserveerd vanaf zeven dagen vóór de gekozen bezoekdatum.
Langs de route kunnen bezoekers de gewelfde vorm van de gang bekijken, evenals bewaard gebleven antieke wandafwerkingen, gerestaureerde stucfragmenten en de manier waarop de doorgang is geïntegreerd in de diepere structuur van het amfitheater. Ook enkele oude openingen waardoor daglicht binnenviel, zijn opnieuw begrijpelijk gemaakt binnen de presentatie van de ruimte. Moderne toevoegingen zijn bewust herkenbaar gehouden en niet vermomd als Romeins werk, zodat het antieke materiaal centraal blijft staan.
Het openstellen van een ondergrondse keizerlijke gang vereiste meer dan alleen het reinigen van decoratieve oppervlakken. Delen van het oorspronkelijke gewelf zijn verloren gegaan, terwijl veranderingen aan het Colosseum door de eeuwen heen de oorspronkelijke relatie tussen de gang en de buitenruimte hebben gewijzigd. De bezoekersroute bevat daarom moderne beschermende en structurele elementen die veilig verkeer mogelijk maken zonder te doen alsof elk ontbrekend Romeins detail opnieuw is opgebouwd. Verlichting helpt bovendien om de vorm van de gang te begrijpen en laat zien hoe natuurlijk licht vroeger via de openingen bovenin naar binnen viel.
Ook toegankelijkheid speelde een rol in het project. Het Archeologisch Park installeerde voorzieningen om de treden bij de ingang beter te kunnen overbruggen, waardoor de route toegankelijker werd voor een bredere groep bezoekers. Dat is vooral relevant in een monument waar hoogteverschillen, smalle gangen en trappen aanzienlijke obstakels kunnen vormen. De ingreep laat zien dat toegankelijkheid kan worden verbeterd zonder de historische elementen te verwijderen die de betekenis van de doorgang bepalen.
Wie in 2026 een bezoek plant, doet er goed aan kort voor vertrek de officiële boekingsinformatie van het Colosseum te controleren. Toegang tot kwetsbare delen kan wijzigen vanwege conserveringswerkzaamheden, weersomstandigheden of maatregelen voor bezoekersstromen, en de Passage van Commodus is doorgaans niet inbegrepen op dagen met gratis toegang. Voor bezoekers die een speciaal ticket kunnen reserveren, biedt de gerestaureerde gang iets anders dan het bekende uitzicht op de arena: hij laat de private architectuur achter het keizerlijke spektakel zien, waar politieke rang, persoonlijke veiligheid en zorgvuldig ontworpen decoratie samenkwamen onder een van de drukste openbare gebouwen van het oude Rome.